09.02.16 – Een nakomertje

| Geen reacties

Telkens we in Parijs zijn, probeer ik een beetje tijd vrij te maken om even in de boekenstalletjes langs de Seine te snuisteren. Meestal lukt dat niet echt, omdat het tentoonstellingenprogramma te zwaar is, waar nog bij komt dat zeker ’s winters de meeste dicht zijn. Niet dat ik nog iets speciaals zou zoeken, maar ook daarzonder kun je soms wel iets vinden.

beraud-angleterre-esclavageZo bijvoorbeeld: Henri Béraud: Faut-il réduire l’Angleterre en esclavage? (Les Editions de France, Paris, 1935), een klein pamflet van iemand die het duidelijk niet zag zitten met Engeland. Misschien was het wel daarom dat de Gaulle hem genade verleende in 1946 nadat hij ter dood veroordeeld was – eigenlijk zonder echte redenen. De Gaulle moet een dergelijke ingesteldheid immers hebben kunnen smaken, hij die van de Angelsaksen ook niets moest hebben – en hij kende ze veel beter dan Béraud.

Ik weet weinig of niets van Béraud, en ik heb enkel Le martyre de l’obèse van hem gelezen, heel lang geleden, in de Nederlandse vertaling van Willem Frederik Hermans. Niets herinner ik me nog van die lectuur.

Béraud was lang hoofdredacteur en medewerker van het rechtse blad Gringoire, en dat zal hem na de oorlog wel de das hebben omgedaan, gelukkig voor hem niet de das van de revolutie. Naar het schijnt zou hij daarin ook nogal te keer zijn gegaan tegen de Engelsen (en tegen de joden natuurlijk, maar minder dan andere schrijvers in andere bladen). Iedereen moet blijkbaar zijn bête noire hebben.

Het boekje zelf is een pleidooi pro domo. Hij had in een artikel dingen over Engeland gezegd, die blijkbaar not done waren, en die de ambassadeur ertoe noopten de eerste minister Laval op te zoeken om iets te ondernemen. Dat artikel handelde met name over de ontplooiing van de Engelse vloot in de Middellandse zee om druk te zetten op Mussolini. Béraud keert in het boekje terug tot aan de honderdjarige oorlog om te stellen dat ‘de tout temps l’Anglais fut à la fois notre ennemi hereditaire et l’ennemi de l’Europe’ (pp.10-11); het is inderdaad bijna alsof je de Gaulle en zijn roemruchte ‘Non’ al hoort. Dat wat mij betreft volkomen terecht was overigens, want Engeland maakt geen deel uit van Europa, het is eerder een staat van de VS, en dus een paard van Troje binnen Europa. Europa, dat zou de as Moskou – Berlijn – Parijs moeten zijn. Dat zou passen in de traditie: ‘nos aïeux tenaient les Anglais pour un fléau de Dieu, de tout point comparable à la famine et à la peste noire.’ (p. 11) Zo hoor je het ook eens van een ander.

Béraud blijkt meestal subtiel ironisch te schrijven, en soms over te gaan naar een sterker sarcasme. Ook wanneer hij het over de mainstream-pers heeft, een woord dat toen blijkbaar nog niet bestond. Hij stelt vast dat de grote dagbladen enkel als papegaai van de regering optreden, en dat een andere visie enkel nog te vinden is in kleine blaadjes, zoals zijn eigenste Gringoire – dat overigens ook weer niet zo klein was. Anders zou een ambassadeur zich er niet mee moeien. Ook wat dat betreft is er niets nieuws onder de zon. De eerste pagina bv. van De Morgen van vandaag is éen van de duidelijkste voorbeelden van pure oorlogspropaganda die ik in mijn leven heb mogen zien. Alsof het rechtstreeks uit de pen van de Nato vloeit.

Daarom vooral is het leuk om dergelijke boekjes te lezen; zo zie je dat Hermans eigenlijk voor 100 % gelijk had wanneer hij beweerde dat de enige vooruitgang technische vooruitgang is, maar dat voor de rest alles hetzelfde blijft.

Print Friendly, PDF & Email
Delen:
Share

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.


18 + zestien =