30.06.15 – TIA

| Geen reacties

In de eerste helft van mei is Tia hier even langs geweest. Zonder zich ook maar enigszins aan te kondigen natuurlijk, zoals het haar gewoonte is.

Wel bleek dat ze al vaker aan de deur had gestaan de laatste tijd, alleen had ik daar totaal niets van gemerkt.

Tia is bij niemand welkom, althans dat denk ik toch, omdat het zo voor de hand ligt. Ze laat immers altijd grotere of kleinere schade achter, van een totale ravage tot enkele kleinere ongemakken, die dan ook nog snel verdwijnen. Maar ook in dat laatste geval is zij meestal enkel de voorbode van een veel grotere ravage.

In mijn geval liet ze haar aanwezigheid blijken door drie zaken, die ofwel onopvallend waren ofwel slechts korte tijd duurden: een linker arm die heel even vreemd dof deed, niet echt alsof hij sliep, maar anders; een stuk van de ondertitels bij een film die links wegvielen, nee niet op het scherm, maar in mijn oog; en vooral het feit dat ik plotseling onzin begon te tikken, woorden waarin de letters totaal door elkaar gehaspeld waren, vooral, weer, aan de linkerkant.

Dat laatste was genoeg voor mijn correspondente om lichte paniek te krijgen en mij stande pede naar de spoed te verwijzen; mijn echtgenote volgde haar daarin. Maar omdat ik ’s anderendaags sowieso naar de huisarts moest, ging ik daar niet op in. Maar de huisarts stuurde mij uiteraard op haar buurt naar de spoed. Blijkbaar was het toch dringend.

Enfin, na een week onderzoeken bleek mijn linker halsslagader voor negentig procent verstopt te zijn, waaraan enkel geremedieerd kon worden middels een operatie.

Zo gezegd, zo gedaan. Twee weken later dan. En dit was het resultaat:

intensive-care

Zie dat daar liggen, vastgekluisterd met allerlei draden aan allerlei machines, vierentwintig uur lang. Nog net geen lijk, hoor ik sommigen zeggen (en sommigen van die sommigen met een duidelijke toon van teleurstelling – het zij zo). Gemakkelijk schijnt het niet te zijn, zo’n carotisendarterectomie; priegelwerk een beetje, ook al omdat in die buurt nogal wat andere zaken samenkomen (zenuwbanen, stembanden,…) en uiteraard ook omdat zo’n slagader toch nog altijd niet echt groot is.

nekvetDit is het stopsel dat erin zat, en dat dus verwijderd werd:

De achterkant ervan voelde een beetje aan als erg dun en breekbaar papier, terwijl de voorkant duidelijk dikker is; daarin kun je ook vetafzettingen zien. Belangrijk is vooral dat de binnenkant niet glad is, maar dat er stukjes min of meer los hangen, die door de stuwing van het bloed uiteraard gemakkelijk mee naar boven worden genomen. En dan komt Tia…

Alles bij elkaar genomen mag ik haar misschien zelfs wel dankbaar zijn, want ze heeft me verwittigd zonder tot het uiterste te gaan.

En of er blijvende schade is? Mijn hersenen zijn natuurlijk nooit echt in orde geweest, getuige de avontuurlijke oprispingen die af en toe in de loop van die vele jaren, gebeurden. Maar dat is eigenlijk grotendeels verdwenen. Enkel bij het typen heb ik soms nog last van dezelfde fouten als Tia veroorzaakte, maar in veel mindere mate. Enkel wanneer de concentratie en de ermee gepaard gaande stress te lang duren, dan wordt het een beetje erger. Maar ook niet om over naar huis te schrijven.

Maar of ik nog stukjes zal schrijven hier? Wie weet. Ik zelf kan het (nog) niet zeggen.

Delen:
Share

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.


zes + acht =