28.02.15 – Teruggevonden

| Geen reacties

Bij het opruimen – nou ja! – van de zolder vond deze ouderling het hierna staande gedicht terug, gepubliceerd in een nummer van het leerlingentijdschrift van het atheneum waar hij school liep. De naam eronder luidde ‘Hector’, d.i. de looser van de Trojaanse oorlog in Homeros’ Ilias.

regen

NACHTELIJKE REGEN

Het regent in de stille straat
En ik bekijk het door mijn venster.
De dag is ver : het is reeds laat,
En mij verlicht geen blijheidsgenster.

O bleke weemoed van de nacht,
die nu mijn weke ziel komt strelen,
waar is der lente groene pracht,
En waar haar kleur’ge bloempriëlen?

De regen klatert in mijn ziel,
Die is als oude, lekke daken,
Waar eens een zonnestraal op viel,
Waar nooit geen zonne meer zal blaken.

De stilte huivert om me heen,
Als voor een zware najaarsstorm,
Maar nooit meer zal er komen een,
Want aan mijn harte knaagt een worm.

Zacht tikt de regen tegen ’t raam,
En in de verte onweersluchten.
Waar is nu ’t oude strijdalaam,
Waarmee ‘k de wereld niet moet duchten?

Het regent in de stille straat :
Ik kan helaas niet meer beminnen.
De dag is ver : het is te laat
Om tegen ’t leven nog te winnen.

Het ventje dat dit schreef was veertien, vijftien jaar en wou – begot! – dichter worden. Gedichten is hij tot voor enkele jaren inderdaad blijven schrijven, en als je dat als definitie neemt van wat een dichter is – iemand, dus, die gedichten schrijft – dan is die droom nog uitgekomen ook. Maar hij zal er wel iets anders mee bedoeld hebben.

Wat allereerst opvalt wanneer je dit leest is de stunteligheid ervan; archaïsche woorden en zinswendingen die zo uit oude gedichten geplukt kunnen zijn; pogingen om het metrische schema zo goed mogelijk te volgen. Het is duidelijk dat het ventje op die leeftijd nog geen ‘moderne’ poëzie gelezen had, maar dat hij zich richtte naar de klassieke versleer, die hij waarschijnlijk grotendeels uit schoolbloemlezingen had leren kennen (De gouden poort heetten die, geloof ik).

Maar bon, ik vrees dat ook echte, grote dichters op die leeftijd nogal stuntelig met taal omgingen; van diegenen waarvan ik dergelijk jeugdwerk gelezen heb, blijkt dat toch. Erg is dat dus niet, eerder banaal normaal.

Wat de oude man die dit leest wel een beetje doet schrikken, is de atmosfeer van het gedicht, waarin de grondtoon al aanwezig is van zijn hele latere leven: de melancholie, het besef dat het voor alles te laat is (“van alle reis terug nog voor de reis begonnen” schreef van de Woestijne ooit, oneindig veel beter maar wel met dezelfde teneur), en de manier van kijken, die eerder die van een toeschouwer dan van een deelnemer is. De dichterlijke ik hierin staat duidelijk buiten de wereld en niet erin. En van andere (mede)mensen is al helemaal geen sprake. Alles is tevergeefs, het heeft geen enkele zin ergens aan te beginnen. Het lijkt wel een boeddhistische ingesteldheid, in zekere zin.

Belijdenislyriek dus. Wat waarschijnlijk altijd de slechtste vorm van lyriek is, daar is hij enkele jaren later toch wel achter gekomen. Maar het is wel interessant om zoiets terug te vinden: op de eerste plaats omdat er uit zou kunnen blijken dat er toch zoiets als een ‘ik’ zou kunnen bestaan, en die net in die grondtoon naar voren komt, onverbloemd en direct hier nog. En verder omdat het hoe dan ook een momentopname is – nee, het ene spreekt het andere niet tegen – als een oude foto, waaruit je ook een hele ontwikkeling kunt afleiden, zowel op persoonlijk vlak als op literair vlak. Wat blijft komt nooit terug, zo zou je het met Jan Eijkelboom kunnen zeggen.

Wat ook opvalt is de blijkbaar authentieke toon. Het lijkt niet zo dat het ventje even aan zijn tafel is gaan zitten om over dit of dat een gedicht te schrijven, maar dat het spontaan in hem is opgekomen. Ook dat zal wel met de leeftijd te maken hebben. Een soort eruptie dus, vandaar ook de directheid die zo typisch is, ook voor betere belijdenislyriek. Later werden tussenschotten ingevoerd, werd verhuld inplaats van onthuld, en kwamen er vele ‘types of ambiguity’ waarachter het ventje zich kon verbergen.

Braaf onnozel ventje!

Delen:
Share

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.


twaalf + 4 =