20.08.14 – Hamann – Nizan – Sassoon

| Geen reacties

Tussen de (eerder weinige) pintjes en de tentoonstellingen door heb ik in Lille toch ook nog de tijd gevonden om wat te lezen.

hamann-1Het eerste en omvangrijkste was weer een biografie, geschreven door de Duitse, maar in Oostenrijk gespecialiseerde historica Brigitte Hamann, met name haar biografie van ‘Sisi’ (Elisabeth, Kaiserin wider Willen, Piper Verlag, München, 2013 – de oorspronkelijke uitgave dateert al van 1981, maar werd in 1997 in een bewerkte, uitgebreide en verbeterde versie heruitgebracht; dit is de pocketuitgave daarvan).

Wat ik over de vorige biografie van haar, die over kroonprins Rudolf, zei, geldt evenzeer voor deze: het is de geslaagde symbiose tussen wetenschappelijke accuratesse (alles is gebaseerd op archiefonderzoek en als er voor een bewering of een feit geen archiefmateriaal aanwezig is, zegt zij dat ook) en een vlotte, meeslepende schrijfstijl, waardoor je de indruk krijgt een goeie roman te lezen. (Vraag is natuurlijk: waar ligt de grens tussen een geromantiseerde biografie of een historische roman enerzijds, en een wetenschappelijke biografie anderzijds?) Clichés zoals in de films uit de jaren vijftig met Karl-Heinz Böhm en de piepjonge Romy Schneider blijven daarbij gelukkig ver weg.

Want het heeft inderdaad niets van een sprookje, dat huwelijk met keizer Franz-Joseph, reeds vanaf het begin voelde ze zich niet thuis aan het Weense hof met dat loodzware protokol, en ze heeft haar leven lang dus alles in het werk gesteld om daar buiten te blijven. De hovelingen en de Weense aristocratie namen het haar niet in dank af, temeer daar ze er ook nog liberale en republikeinse denkbeelden op na bleek te houden, en ervan uitging dat ze wel eens verplicht zou kunnen worden te emigreren, waar een dikke spaarpot in Zwitserland haar tegen had moeten wapenen.

Het boek is veel minder politiek dan dat over haar zoon, kroonprins Rudolf, om de eenvoudige reden dat ze zich veel minder met politiek bezighield, enkel voor Hongarije zette ze zich in, om die natie een gelijkwaardige rol naast Oostenrijk te geven; het is dan ook aan haar te danken dat vanaf de jaren zestig van de 19de eeuw van een ‘dubbelmonarchie’ of van ‘Oostenrijk-Hongarije’ gesproken werd, zoals we dat kennen uit vele literaire werken (Roth, Musil…). Maar toen waren natuurlijk de Slaven en de Italianen weer boos. Hoe dan ook, daarna hield ze zich voornamelijk nog bezig met paardensport en reizen. Ongezien en een echt schandaal voor de hovelingen was het feit dat ze overal waar ze kwam turnzalen liet inrichten, omdat ze op een fanatieke wijze aan sport en lichaamscultuur deed. Daarbij at ze extreem weinig (op een bepaald ogenblik vertoonde ze zelfs symptomen van hongeroedeem!) en putte haar hofdames uit door lange dagmarsen door vaak de meest onherbergzame gebieden, acht uur en meer aan een stuk. Bij de kleding uit die tijd!

Interessant voor mij is natuurlijk het feit dat ze ook gedichten schreef. Die deponeerde ze eveneens in Zwitserland met het verzoek ze pas te openen en te publiceren zestig jaar na haar dood. Dat heeft nog wat langer geduurd, want pas in de eerste helft van de jaren tachtig van de vorige eeuw gaf dezelfde Brigitte Hamann die deze biografie schreef dit ‘Poetisches Tagebuch’ uit. Clichés en rijmelarij, daar is alles mee gezegd; maar wel interessant om haar opvattingen te leren kennen en te lezen hoe ze reageerde op mensen en toestanden rond zich. Daarbij schrijft ze volledig als een epigone van de door haar diep bewonderde Heinrich Heine. Ze heeft zelfs een grote bijdrage geleverd voor de oprichting van een standbeeld voor Heine in Düsseldorf, waarvoor ze bakken stront over zich heen kreeg van de Deutschnationalen en de antisemieten in Oostenrijk (die op het einde van de 19de eeuw al heel sterk stonden in Oostenrijk). Uiteindelijk plaatste ze een standbeeld van Heine in de tuin van haar villa in Korfu, het Achilleion.

Tussen haakjes: iemand die een studie zou willen wijden aan epigonisme (waar maar zeer weinig over bestaat) zou hier zijn gading kunnen vinden: een vergelijking tussen deze poëzie en die van Heine in het licht van het begrip epigonisme, lijkt me wel een doctoraat waard.

Hoe ouder ze werd hoe ongeduriger ook en hoe meer ze reisde; ze was nog maar zelden in Wenen. Maar van de voordelen van de keizerlijke status bleef ze natuurlijk wel genieten en profiteren – iedereen zou waarschijnlijk hetzelfde gedaan hebben. Uiteindelijk eindigde ze min of meer zoals een dikke eeuw eerder Marie-Antoinette. Niet door de guillotine, maar door het mes van een anarchist die door de moord op een gekroond hoofd ook eens in de pers wou komen.

Voor wie zich voor geschiedenis, Oostenrijkse literatuur en de politiek die naar de grote oorlog voerde interesseert hoedanook een aanrader.

000


nizan-1Le cheval de Troie
, de tweede roman van Paul Nizan, moet ik als student gelezen hebben, maar ik herinner me niets meer ervan, niet eens of ik hem goed vond of niet (hetzelfde geldt trouwens voor zijn derde roman, La Conspiration, die ik nog herlezen moet).

Niet dus. Zo moet ik concluderen na herlezing. Waarschijnlijk zal ik hem toen gelezen hebben wegens mijn toenmalige politieke opstelling, en omdat ik ook eens een andere dan Russische romans van het socialistisch realisme wou lezen. Die Russen herinner ik me, tenminste gedeeltelijk, wel, en zullen dus wel beter geweest zijn.

Het verhaal is eenvoudig: een groep communisten (waaronder een Bloyé, ofschoon dat niet gezegd wordt waarschijnlijk de zoon van Antoine, die zijn naam gaf aan Nizans eerste roman, en waarin die zijn vader protretteerde) bereidt een manifestatie voor tegen een meeting van fascisten, en tijdens die manifestatie vallen doden en gewonden. Een echte hoofdfiguur is er dus niet, ook Bloyé niet, het is de groep, de cel die telt. Zoals het belangrijkste de massamanifestaties zijn. De individuen spelen daarbij maar een zeer ondergeschikte rol, ze zijn ahw totaal vervangbaar.

Dat geldt ook voor de collega van Bloyé, de leraar Lange die als een half nihilistische kleinburger wordt voorgesteld met connecties in de hogere kringen via zijn afkomst. In deze figuur heeft Nizan zijn visie op zijn jeugdvriend Sartre neergeschreven, en die is allesbehalve positief. Sartre kon er wel mee lachen en het heeft hem niet belet zich later volledig in te zetten voor zijn jeugdvriend.

Structureel zijn die bladzijden over Lange niet nodig, tenzij ze als contrast bedoeld zijn tegenover de proletariërs. Maar dat komt wel zeer schematisch over.

Toch bevat deze roman bladzijden die tot de beste van Nizan behoren: nl. de beschrijving van de dood van Catherine, echtgenote van een lid van de cel, die na een abortus alleen achter gebleven leegbloedt. We weten dat Nizan een beetje (veel) geobsedeerd was door de dood, vandaar wellicht de kracht van deze bladzijden, die daardoor overigens schril afsteken tegen de rest van de roman, en er structureel ook weinig mee te maken hebben. Nizan was van oordeel dat onder het socialisme, in de Sovjet-Unie dus al, de angst van de mensen voor de dood helemaal zou verdwijnen.

Hoe naïef kun je zijn!?

Ofschoon het boek vlot leest (Nizan is hoe dan ook een goede schrijver) is het als roman in mijn ogen een mislukking.

000

sassoonEn tenslotte ben ik in Lille nog begonnen in Memoires van een man die op vossen jaagde van Siegfried Sassoon, die ik uiteraard als dichter kende. Het boek las ik hier, thuis, uit.

Ook dat is geen aanrader. Ook al is ook dit boek goed geschreven.

Van de driehonderd bladzijden handelen er ongeveer vijftig over de oorlog, de laatste, de rest kan worden samengevat in: cricket, vossenjacht, paardenrennen. De passages over cricket begrijp ik hoegenaamd niet, omdat ik het spel en zijn regels totaal niet ken. En die twee andere bezigheden van Engelse plattelandsaristocraten interesseren me helemaal niet,  ook al vind ik paarden prachtige dieren.

Misschien dat het vervolg, dat enkel over de oorlog handelt, me beter zal bevallen.

Wat ik me wel afvraag, over de titel: moet dat niet ‘joeg’ zijn? Ofschoon ik wel weet dat sterke werkwoorden in het Nederlands de neiging hebben zwak te worden.

Delen:
Share

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.


tien − 9 =