Herlezen (4): Ilias

| Geen reacties

Beter gezegd: voor de derde keer gelezen. Want het zijn wel degelijk drie verschillende teksten die ik in mijn leven gelezen heb.

De eerste keer dat ik de Ilias en de Odyssee las, moet rond mijn achttiende geweest zijn. Het waren de oudere vertalingen in hexameters van Aegidius W. Timmerman. Waren het de enige versvertalingen die toen nog verkrijgbaar waren? Ik weet het niet. Zoals ik me van die eerste lectuur enkel herinner dat het een moeilijke lectuur was, waarschijnlijk door het stroeve Nederlands van Timmerman. Die was een graecus, en zijn Nederlands zal misschien wel bestaan hebben uit Griekse zinnen met Nederlandse woorden. Hoe dan ook, in die tijd las ik nog alles uit waaraan ik begon, hoe moeilijk de lectuur me ook viel.

Een tweede keer heb ik de Ilias en de Odyssee gelezen in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw, in de vertalingen van H.J. de Roy van Zuydewijn. Ook dat waren vertalingen in hexameters, maar van een veel leesbaarder kwaliteit dan die van Timmerman. Of was dat slechts een indruk, veroorzaakt door het feit dat de lezer in kwestie enkele decennia ouder was intussen?

Ilias Wrok in TrojeEn nu heb ik dus de derde versie van de Ilias gelezen, de vertaling van Patrick Lateur deze keer (Homeros: Ilias Wrok in Troje, Athenaeum Polak & van Gennep, Amsterdam, 2010). Deze vertaling las even vlot als die van de Roy van Zuydewijn, maar op een andere manier; het is immers een totaal anders opgevatte vertaling. Geen hexameters deze keer, maar jambische vijfvoeters. De vertaler geeft als reden daarvoor op, ik citeer, “dat het jambische ritme het dichtst bij onze natuurlijke gesproken taal ligt.” Dat kan wel zijn, maar de tekst van Homeros is zo archaïsch dat het onmogelijk is een vertaling te maken in een hedendaags Nederlands dat de spreektaal een beetje benadert. De tekst van Lateur blijft even ver van ons af staan als die van de Roy van Zuydewijn, en dat heeft niets met de gekozen versmaat te doen, maar met de inhoud. In hexameters is het gemakkelijker het epitheton ornans een beetje op z’n Grieks te behouden: de ‘helmboswuivende ‘ Hektor, de ‘snelvoetige Iris’, de ‘koe-ogige’ Hera enz. Vele van die epithetoi worden bij Lateur vervangen door bijvoeglijke bepalingen, bijstellingen of korte onderschikkende zinnen. Dat is uiteraard ‘hedendaagser’ en leest vlotter. Hetzelfde kan gezegd worden over de versmaat: die lijkt jambisch, maar de jambe wordt hier dan wel zeer breed geïnterpreteerd: op pagina 315 bv. beginnen zes verzen met een spondee, en ook elders gebeurt dat zeer vaak. Even vaak beginnen verzen met een trochee. Dat het basisritme jambisch zou zijn, is dus misschien wel waar, maar de afwijkingen op dat metrum zijn zo talrijk, dat we eigenlijk met een mengvorm te maken hebben. Is dat erg? Helemaal niet, want het maakt de lectuur vlotter leesbaar. Zo zeer zelfs dat het vers heel vaak het proza nadert, ritmisch proza wellicht, maar toch proza. Dat is geen kritiek, maar een vaststelling. Lateurs vertaling is vlotter, hedendaagser en leesbaarder voor de doorsneelezer dan die van de Roy van Zuydewijn. Maar ook authentieker?

Wat blijft me verder bij na deze derde lezing? Het archaïsche, woeste, barbaarse. Moordlust, ook op vrouwen of kinderen, is een verdienste. Dat een ‘drievoet’ toen twaalf runderen waard was en een vrouw maar vier heb ik ook geleerd (p. 655). De cultuur van dat vroegste Griekenland is een cultuur van het absoluut bruutste geweld, waarin een mensenleven niks en niemendal waard is: op vele plaatsen in het epos spatten de hersenen en de darmen de bladzijden uit, en het belangrijkste element ervan zijn de gevechten en de slachtpartijen. Het is ook een wereld die totaal door mannen en hun machisme beheerst wordt.

Bij de lectuur heb ik vaak gedacht aan de lectuur van het Oude Testament. Volgens de recentste gegevens zouden de Homerische epen uit de achtste eeuw voor Christus stammen, de oudste gedeelten van het Oude Testament uit de zesde eeuw voor Christus. Geen al te groot verschil dus. Ook daar een apologie voor moordlust en genocide, voor verwoesting en vernietiging. Maar er is één groot verschil: er is geen éne Griek die er in de verste verte aan denkt de moraalregels van de Ilias toe te passen. Maar vandaag passen de zionisten de identieke regels uit het Oude Testament nog altijd toe. Dat is immers hun heilige boek. Een absoluut immoreel boek op de dag van vandaag, en dat geldt ook voor degenen die het toepassen.

Wat Homeros zelf betreft, verkies ik de vertaling van de Roy van Zuydewijn. Maar dat is een zuiver subjectieve keuze, die helemaal niets afdoet aan de grote verdienste van Patrick Lateur. Ik lees die oude meesters gewoon liever in de oorspronkelijke versmaat, de hexameter. Liefst zou ik ze in het oude Grieks lezen, maar dat ken ik jammer genoeg niet.

Delen:
Share

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.


vier × een =