Gerrit Komrij leest bloemen

| Geen reacties

De ‘dikke Komrij’ (‘Komrij’s drievuldigheid’ zou misschien beter en juister zijn, want tenslotte bestaat zijn dikke bloemlezing uit drie bloemlezingen) is niet een boek dat je helemaal, in één ruk uitleest. Zoals alle bloemlezingen van die omvang, zijn het boeken die je nu en dan uit de rekken haalt en waarin je dan een uurtje of zo leest. Want er valt uiteraard altijd iets in te ontdekken.

Met zijn andere, vaak thematische bloemlezingen (moeder, geld…) kun je dat uiteraard wel doen, want die zijn minder omvangrijk.

Zo ook zijn recentste: De 21ste eeuw in 185 gedichten ( Uitgeverij De Bezige Bij, Amsterdam, 2010). Deze bloemlezing laat me onbevredigd achter, en ik weet niet waaraan het ligt. Van de 48 dichters heb ik er slechts een viertal aangestreept met de bedoeling er iets meer van te gaan lezen (hetgeen nog niet betekent dat dat ook gebeuren zal). Die spraken mij een beetje aan, meestal door de formulering. Al de anderen dus niet. Nochtans kan ik niet zeggen dat er echt slechte dichters of gedichten bij zijn. Maar ze steken niet uit boven de doorsnee, ze zeggen me niks. Waarbij ik ervan uit ga dat dit evengoed aan mij kan liggen dan aan de dichters in kwestie. Waarschijnlijk is dat zelfs zo. Maar dan nog: hoe komt dat? Ben ik te oud om me in de poëtische leefwereld van jongeren in te leven? Ben ik te vastgeroest in de poëtische normen en geplogenheden van de dichters die ikzelf als tiener begon te lezen (de beroemde bloemlezing van Rodenko)?

Belang heeft het uiteraard niet. Zeker wanneer je genoeg bloemlezingen in huis hebt om de betekenis daarvan grondig te kunnen relativeren. Hetgeen Komrij trouwens zelf doet in zijn inleiding, wanneer hij op ’t einde daarvan vier namen citeert uit de bloemlezing Met andere woorden uit 1960. Maar drie van die vier namen zeggen me nog iets, en twee ervan kan ik zelfs nog plaatsen. En ik woon toch niet in de Kalahariwoestijn.

Print Friendly, PDF & Email
Delen:
Share

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.


veertien − vijf =