In Memoriam II

| Geen reacties

god dat helse licht in een dichtershoofd
als een klok van brons die barst
tot aan de einder en de duisternis
tot in die verste onherbergzame velden
waar ook geen geesten meer dwalen

alle paden en straten van stad en land
liggen verweesd en als lang verlaten
en enkel verwaten verblinde onverlaten
of aterlingen zoeken woedend verder
naar dat gestorven brokje windkei
totdat zij zoals eenieder in hun borst

dat gehavende hart ontdekken en zwijgen
dan rijgen zij woorden van wanhoop aaneen
die direct weer verdwijnen in ijle lucht
als vruchten die vallen van verderf vanbinnen
er is geen beginnen aan geen verstillen
de ogen sluiten voor die wereld daarbuiten

en teruggaan jij eromenos toen ganymedes
alsof een geheim tussen hen groeide
dat hen bond maar die ikloze jongen
was bronstig van taal alleen zoals jij
bij dat laatste boek sterven wij nooit meer

Print Friendly, PDF & Email
Delen:
Share

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.


17 − zestien =